donderdag 5 juli 2012

Telefoonterreur!!!


Van huis uit ben ik beschermd opgevoed. Mijn moeder had de touwtjes goed in handen en daar maken we nu nog vaak grapjes over. Wat wil je, vier kinderen waarvan drie jongens! Ik was natuurijk de rustigste. Nou, ja, mijn moeder had in ieder geval weinig problemen met mij. Zegt ze. En als mijn moeder dat zegt, dan is dat zo!
Maar dan al die goede bedoelingen… Ach, je kent dat wel. Je groeit op en vindt al die bezorgdheid al gauw bemoeizucht. Je denkt dat je het allemaal wel weet. De ideeën van mijn moeder waren ouderwets en ze leek te leven in de prehistorie. Ja mam, ik weet nu wel beter. Maar ineens… Ineens werd ik opstandig en wou ik het op mijn eigen manier gaan doen. En ik weet één voorval nog heel goed… 
Ik was geloof ik 19 jaar jong en het was op een zaterdag avond. Mijn ouders vonden altijd dat ik op tijd thuis moest zijn. Ik was nog in de groei, moest er vroeg uit en meer van dat soort argumenten. Ja, mijn ouders vonden dat samen, maar mijn moeder bracht de boodschap over. Ze vond twaalf uur ’s nachts een mooie tijd om thuis te zijn. En als ik te laat was liet ze de telefoon altijd twee keer overgaan waarna ik braaf naar huis vertrok. Moeders wil was wet.
Nog even voor het plaatje: ik zat dus gewoon bij mijn schoonouders in huis. Ik hing dus niet in één of andere vage discotheek. Nee, braaf op de bank met de liefde van mijn leven. Kaarsjes aan, drankje erbij. Gezelligheid die geen tijd kende. Meer had ik niet nodig.
Tot op een avond… Ineens was het twaalf uur… Zelf had ik het gevoel dat de avond nog moest beginnen, zó gezellig was het. De tijd tikte echter onverbiddelijk door. Wat moest ik doen? Ik wist zeker dat mijn moeder thuis ook op de klok zat te kijken. Maar daar was de opstandige ik. Ik was verdorie 19 jaar! Dan was twaalf uur toch geen tijd om al thuis te moeten zijn? Mijn vriendin, die wel naar de disco ging, kwam soms pas om drie uur thuis! Ik vond dat ik gerust langer weg kon blijven, ik wist zelf wel wat goed voor me was. Dus bleef ik zitten.
En jawel, om tien minuten over twaalf ging de telefoon twee keer over. Dit was hét teken dat ik naar huis moest komen! Zenuwen gierden door mijn lijf. Na een kwartiertje trok ik de stoute schoenen aan en… liet de telefoon bij mijn ouders twee keer overgaan! Nu zouden ze het vast wel snappen. Het moest zijn afgelopen met die telefoonterreur. Om één uur zat ik nog steeds met een drankje bij mijn schoonfamilie. Maar echt lekker zat ik niet. Mijn lief bracht me naar huis. Het was slechts één kilometer fietsen maar door het lood in mijn schoenen leek de weg eindeloos…
De volgende dag liet ik mijn moeder heel subtiel weten dat ze niet meer hoefde te bellen. Ik kon zelf wel klokkijken en was in mijn ogen volwassen genoeg om wat later thuis te komen. Ze vond het vast niet leuk maar… ze heeft nooit weer gebeld! Later hebben we er hartelijk om gelachen. Je moet als ouders wel je grenzen stellen hè? Daar ben ik inmiddels wel achter mam!
Nog regelmatig gaat bij ons thuis de telefoon twee keer over.
Dat doen onze kinderen.
Nee, niet om te laten weten of ze wel of niet thuis komen.
Maar zodat ik ze terug kan bellen.
Omdat hun beltegoed weer eens op is…..

donderdag 28 juni 2012

Kunstig!


Ik heb geen artistieke kwaliteiten. En er gaat zeker geen kunstenaar schuil in mij. Maar ik ken mensen die met een potloodje of met een beetje verf de prachtigste dingen tevoorschijn toveren. Ik noem dat magie. Ze maken van een blanco doek de mooiste creaties. Een beetje jaloers kan ik daar wel op worden…
Met een groep vriendinnen heb ik tijdens een weekeindje-weg een acrylverf- workshop gehad. We moesten, onder begeleiding, binnen een paar uurtjes iets met bloemen op het witte doek toveren. Ik bedacht dat een hortensia wel een leuke bloem zou zijn… Het ging natuurlijk om de gezelligheid en dat we samen bezig waren. Maar, zoals het een beetje streber betaamd, wou ik ook een ‘behoorlijk’ eindresultaat. Ik kon natuurlijk niet thuiskomen met een ‘wat-heeft-zij-nou-weer-geschilderd’ werkje. 
Met het puntje van mijn tong uit mijn mond heb ik het doek bewerkt. Ik heb álles gegeven. Volle concentratie. Maar iedereen was al bijna klaar toen ik nog een halve hortensia moest schilderen. Het vereiste een bepaalde techniek waardoor ik veel tijd per blaadje kwijt was. Geloof me, een hortensia heeft dan ineens heel veel bloemblaadjes!
Eenmaal thuis was ik nog steeds best trots op mijn kunstwerk. Al was hij paars in plaats van oud roze en al had hij veel open plekken waar eigenlijk bloemblaadjes hadden moeten zitten. Totdat iemand me vroeg wat die paarsige dingen met dat groen op dat doek was. Hevig ontdaan vertelde ik dat het wel eventjes mijn hortensia was! Dat mijn bloed, zweet en tranen er bij ingeschilderd waren! Maar het gaf weinig respect. Ineens bekeek ik mijn creatie met heel andere ogen…
Het ding hangt nu in onze hal. Niet aan een schroef of een haakje maar het houdt zich hangende aan een ongebruikte lichtschakelaar. Het kleeft als het ware aan de muur. Wachtende op oprecht respect en waardering die het zekerste weten nooit zal krijgen…
Vorige week kwamen er vriendinnen langs. Eén ervan is nogal nieuwsgierig en mag graag voelen in plaats van kijken. Ze raakte mijn ‘op scherp’ opgehangen kunstwerk aan en jawel, het smakte tegen de grond. In de woonkamer hoorde ik de val en wist gelijk wat er gebeurt was. Mijn hortensia! Zou die kapot zijn? Gebroken? Gescheurd? Maar nee hoor. Zo slecht als ik kan schilderen, zo slecht kan zij dingen laten vallen. Mijn hortensia leeft dus nog… Ik denk wel het geval binnenkort richting zolder verdwijnt.
Want dat kan ik wel heel goed. Dingen laten verdwijnen. Ieder zijn kwaliteiten!

vrijdag 22 juni 2012

Gekken en dwazen...


Bij mijn wandeling in het parkje, vlak bij ons huis, zie ik altijd een mega-grote boom met ingegraveerde initialen. Ergens in een verliefde bui heeft hier de huidige bejaarde generatie staan te jongleren met een zakmes. Jaartallen kan ik niet ontdekken maar de boom heeft een omtrek van meer dan een anderhalve meter. Dus die ouwe kwajongens gingen vroeger met het meisje naar een parkje om daar te vrijen, te friemelen en weet ik wat nog meer… en dan namen ze een zakmes mee! Griezelige gedachte…
In het verkeer zie je ook wel eens een auto of vrachtwagen waar iemand  ‘V I E S’  of ‘ik wil gewassen worden’ heeft opgeschreven. De vinger waarmee dat geschreven was heeft dat vast ook geroepen toen het eenmaal op de auto stond. Nog leuker is het als er allemaal boodschappen, kreten en namen op de auto staan geschreven. Ik lees het meestal lachend. 
Een tijdje geleden ging ik op een avond naar het kroegencentrum van Enschede. En waar wat drank in gaat, moet ook wel eens wat uit. Dus moest ik met frisse tegenzien het toilet bezoeken. Ondanks dat het volgens het onderhoudsschema aan de muur ‘regelmatig’ schoongemaakt werd kon ik de spetters op de bril en het geurtje van mijn voorgangsters niet echt waarderen. Maar er hing toiletpapier dus toen ik een en ander gereinigd had kon ik lozen.
Eenmaal met mijn gezicht naar de deur viel ik bijna van de bril van verbazing. Want op de deur stonden behalve de namen van de dames die er ooit geweest waren ook de namen van de mannen op wie ze ooit verliefd waren. Wie ze misten. Of aan wie ze een bloedhekel hadden. Met wie ze het gedaan hadden en wie goed was in bed en wie niet! Namen met centimeters… Ik vergat van verbazing bijna door te plassen… Jaartallen, hartjes, welk drankje lekker was, ga maar door! En dat was niet alleen met een scherp voorwerp in de deur gegraveerd, maar er ook met viltstiften opgekalkt. Ik heb er even heerlijk zitten gniffelen.
Mijn moeder zei het altijd al: ‘gekken en dwazen schrijven hun namen op deuren en glazen’.
Bij mij komt alweer de vraag bovendrijven hoe iemand er op komt om een viltstift mee te nemen naar de stad. En naar het toilet! Want als ik mijn tasje van die avond op de kop zet komt er weinig uit waarmee ik een deur te lijf kan gaan. Ja, mijn sleutels om ín het slot te steken. Verder dan mijn telefoon en wat tut-prullaria kom ik niet. Waardeloos.
Met mijn zooi krijg ik geen kreet in een boom of deur gegraveerd! En daarbij, het ontbreekt me ook duidelijk aan creativiteit. Want ik zou niet wéten wat ik zou moeten schrijven! Maarja… nieuwsgierig ben ik wel.
Bij een volgend bezoek aan de plaatselijke horeca ga ik naar het herentoilet…

woensdag 6 juni 2012

Kinderlijk geluk...


Ik vraag het me wel eens af: “heb ik dat nou alleen?”. Een tijdje geleden liet ik, zoals zo vaak, de hond uit. Ik zag op het hek van de overburen twee kraaien. Heel brutaal zaten ze me met hun zwarte kraalogen aan te kijken. Ze hielden me in de gaten. Maar ik hun. En ineens deed ik het. Ik sprong in de lucht, klapte in mijn handen en riep tegelijkertijd “Whaaaa”! De kraaien schrokken en vlogen weg. Gniffelend liep ik verder. Ik heb niet gekeken of iemand me heeft gezien maar het voelde zo lekker! Want ik deed iets wat er vast heel dom uit zag maar me toch een heppie-de-peppie gevoel gaf.
Ja, ik geef het eerlijk toe. Ik heb vaker van die momenten. Als iemand voorover staat en ik loop langs heb ik soms moeite me te bedwingen om even een plagend tikje uit te delen. Of om te doen alsóf ik een tikje uit wil delen. Weet je wat ook leuk is? Bij de Ikea in het magazijn met één been op de kar gaan staan, je af te zetten en stuurloos al zingend door de gang te zoeven. Op een fietspad tussen de stippellijn doorzigzaggen. Gekke bekken trekken voor winkelramen of voor de spiegels bij de doe-het-zelf-winkel. In het verkeer heel hard beginnen te lachen naar iemand die compleet gefrustreerd in de auto zit. Het brengt allemaal zo’n belachelijk fijn kinderlijk geluksgevoel bij me naar boven.
Vroeger hield ik me nog wel eens in. Soms. De kinderen riepen dan vol schaamte “mamaaa!!!”. Uiteindelijk hebben zij de moed opgegeven en laat ik me nergens meer door weerhouden. Het zit in me. Dan ontglipt me weer zo’n huppeltje. Doen we tikkertje in de super. Jakkeren we samen met de kar door het magazijn van de Ikea. Lachen we lekker met elkaar en om elkaar. Heerlijk vind ik het. De wereld is al saai genoeg, ik probeer haar af en toe alleen maar een beetje mooier te kleuren. Wat me wel is opgevallen is dat ik het andere mensen nooit zie doen.  Tenminste, nooit als ik ze zie. Die lopen keurig netjes met het kroost door het leven. Oh, ik weet het al…
Die hebben vast heule strenge kinderen! ;-)

woensdag 23 mei 2012

Peperscheetje


Op AbsolutelyEnschede.nl hebben de mannen een hele week het rijk alleen gehad... n.a.v. die week deze blog:
Heerlijk om die mannen de afgelopen week eens de vrije hand te geven.  Spannend. Waar schrijven ze over? Wat wordt het? Nou, weinig gepeperde onderwerpen. Het gaat over vrouwen en… kinderen. Geweldig! De wereld van de man blijkt nogal leeg zonder een vrouw. En dan heb ik hier het dus over de man-vrouw man.
Want wat zijn ze stoer, onze lieverds, maar wat zijn ze uiteindelijk toch ook zwak. Laat me niet lachen; jullie moeten zogenaamd niets van enige vastheid in jullie leven hebben. Uiteindelijk blijkt gewoon dat jullie nog geen maand zonder ons kunnen, want dan begint het overal te jeuken. En dan bedoel ik ook echt o-ver-al!
Ja man, wat moest je in een wereld met alleen maar mannen? Want als je dan op een terras zit, waar moet je dan naar kijken? Naar al die geweldige soortgenoten van je? En waar kun je écht met je probleempjes tegenaan zeuren? Nee, je vrienden… Die zien je aankomen in de kroeg! Daar gaat je reputatie als gezellige onbezorgde kroegtijger! En wie heb je in tijden van nood naast je om je te troosten? Oh nee, sorry, een man heeft geen emoties dus jullie hoeven niet getroost te worden. Túúrlijk…. Was ik even vergeten (grinnik).
Wat is er voor ons vrouwen heerlijker om te lezen dan dat mannen zonder vrouwen gaan praten over porno, stoere televisie, auto’s en zich laten harsen. Let op: in al die onderwerpen draait het uiteindelijk maar om één ding: vrouwen. Want hoe stoer, hoe sterk, hoe mannelijk en hoe macho het ook klinkt, het verhaal is niets zonder een vrouw. Want wat heb je aan die stoere tig-cilinder als er geen vrouw bij staat te kwijlen? Waarom zou je je ballen laten harsen als er geen andere handen dan je eigen aan te pas komen? Dus wie oordeelt er uiteindelijk of iets stoer, sterk, mannelijk en macho is? Juist de vrouw!
Ooit kregen we een opdracht van onze mannelijke hoofdredacteur: schrijven met meer peper. Wat het ook moge betekenen: ik denk niet dat ‘het laten vliegen van scheten’ een peper inhoudt. Ik weet wel dat als er mij eentje ontsnapt, mijn lief daar niet vrolijk van wordt. Dat pepert hij me er altijd flink in!
Ach, wij vrouwen proberen sinds mensenheugenis de man in het gareel te laten lopen zodat hij onder de mensen kan komen. Zodat hij gedistingeerd is. Jawel: gedistingeerd. Pracht woord voor o.a. welgemanierd! Mannen… jullie zijn geweldig. Echt Heerlijk. Fantastisch zelfs! Maar in de meeste gevallen niets… zonder een vrouw. ;-)
Dus sorry hoofdredacteur… eigenlijk ben ik wel weer klaar met die rode peper.
Ik wil voor mezelf graag terug naar kneuterig lief, leuk, gezellig, knus, warm, huisje, boompje, beestje… met af en toe een knetterharde scheet.
Oh ja, reukloos als het effe kan!

donderdag 10 mei 2012

Tuinieren


Ik kom er maar eerlijk voor uit: ik heb geen groene vingers. Bloemen en planten hebben bij mij thuis geen lang leven. Zowel binnen als buiten. Ik vergeet ze namelijk altijd water te geven…
Mijn schoonmoeder heeft een weelderige tuin. In het voorjaar komen er tulpen, hyacinten en narcissen naar boven. En van die blauwe dingen. Druifjes! Juist, die ja! De oudere mensen, of zij die overdag veel tijd hebben, blijven bij haar tuintje altijd even stilstaan. Mijn schoonmoeder heeft allerlei kleuren gepoot en het ligt er altijd schitterend bij. Ze heeft namelijk een hekel aan ‘kale plekken’. Daardoor is haar hele tuin één bloemenpracht. En het is echt geen klein tuintje! Ga me niet vragen hoeveel tijd ze op haar knietjes in het zand doorbrengt om het onkruid te wieden… Respect!
Persoonlijk kan ik nog net een cactus en een vetplant uit elkaar houden maar veel verstand van de plantenwereld heb ik dus niet. Dan zie ik weer iets geels in het voorjaar naar boven komen en dan zeg ik vrolijk “O, kijk, een eh … hoe heet die ook al weer?” Soms zoek ik het thuis op want ik ben wel nieuwsgierig. Maar dat ben ik de volgende wandeling alweer vergeten…
Dit jaar kreeg ik met mijn verjaardag bloemen. Van die schitterende bossen. En daar geniet ik met volle teugen van. Wel jammer dat ik ze allemaal tegelijk krijg. Het hele jaar door is het armoe troef en op die ene dag in het jaar sleep ik me het apezuur met de vazen…
En tja, bloemen moet je water geven hè? Bij mij is zo’n bos na een paar dagen helaas aan het transformeren tot een droogboeket. Tulpen zijn vergevingsgezind: die waarschuwen je nog even. Zo van “hallo, zie ons eens zielig staan!”. Die laten die het kopje hangen en dan kun je ze bij-wateren. Maar als je een roos vergeet is ie onvergeeflijk: hij komt niet terug. En zo zijn er nog wel een paar.
Nou is onze tuin geen plantentuin. Het is een vijver. Manlief heeft namelijk ook geen groene vingers. Die is al lang blij dat hij in het voorjaar de drie boompjes aan de straatkant heeft gesnoeid. Hij kijkt, gelukkig net als ik, liever naar die grote waterbak dan naar bosjes en struikjes.  Er zitten overigens wel heel veel plantjes ín onze vijver. Vraag maar niet hoe ze heten… Echt, geen flauw idee.
Maar onze vissen mag ik rustig vergeten bij het water geven!

dinsdag 1 mei 2012

Crimineel

We moeten ons allemaal aan regels houden. Dat begrijp ik. Want anders wordt de wereld één grote ongeorganiseerde bende. Dan doet iedereen maar wat ‘m uitkomt en goed dunkt. Ik moet me dus ook aan de regels houden. Dus omdat ik vijfendertig heb gereden waar ik maar dertig mocht, kreeg ik een boete. Te hard is te hard. Ik kan wel lopen mopperen dat ik het een belachelijke bekeuring vind… en dat heb ik natuurlijk ook gedaan… maar ‘ergens’ is het terecht. Want ik lette even niet op mijn teller maar op de overige weggebruikers en hoppa, ik heb een prent. Eigen schuld!

Een aantal jaren geleden hebben we de allerliefste hond uitgekozen. Ze was anderhalf jaar oud en op zoek naar een nieuw thuis. Dat vond ze bij ons. Het beest is echt een schat. Al is ze steeds te dik, is het een grote verschrikkelijke haarbal en is ze afschuwelijk verwend. Maar: wij houden van haar, dat volstaat!
Ze is één van de weinige honden in de buurt die los kán lopen. Ze gaat nooit verder dan 50 meter bij ons vandaan. Houdt oogcontact en luistert geweldig. Echt een toppertje! En als ik ‘vrij’ zeg dan rent ze voor me uit en begint ze te lachen. Ja, echt! Ze kan lachen! Dat hebben we haar niet geleerd, ze is een natuurtalent. En ze kan ook heel zielig kijken. Vreselijk zielig. Vooral als ik de deur uit moet zonder haar…

Tijdens één van onze wandelingen kwam er een auto aanrijden. Een man in jagerskostuum opende het raampje. “Mevrouw, mag ik u iets vragen?” Natuurlijk, dat mocht hij. Hij kon vast de weg niet vinden. Arme man. Dus riep ik ons dikke mormel en die kwam trouw naast mij zitten. En toen kwam de aap uit de mouw. Oftewel, de man uit de auto. Hij bleek een boa te zijn. Ik had in die tijd alleen nog maar van een boa constrictor gehoord en daar leek hij niet op. Hij bleek een Buitengewoon Opsporings Ambtenaar te zijn. En hij had mijn loslopende hond 10 meter verderop opgespoord. Knap staaltje werk… Foei! Die hond mocht niet los! Regels zijn regels. Daarvoor kregen we een boete. 
Onze haarbal probeerde de zieligste smoel die ze had.
Ik ook.
Maar de constrictor was onvermurwbaar. We kregen een bon.
Met de grote boodschap of we dit verder wilden vertellen aan andere hondenbezitters.
Ik heb die boa daarna niet meer gezien.  
En ondertussen zitten wij met een crimineel in huis.
Een hond met een strafblad!

Gepubliceerd op http://www.absolutelyenschede.nl/