donderdag 25 oktober 2012

Dat ene uurtje (zomer- en wintertijd)


Het is herfst. Dat had je vast al gezien. Mènnn, wát een kleurenpracht buiten. En het ruikt zo lekker! Mooie paddenstoelen en dauw op de pasgevallen bladeren. Schitterend. In het landschap wisselen rood, geel, groen en bruin elkaar in hoog tempo af. De boel wordt opgeruimd. Het is best zielig want alle blaadjes aan de bomen gaan nu dood. Bloemetjes gaan dood. En veel dingen staan er best triest bij. En… eigenlijk hoort bij herfst: guur weer, harde wind en regen. Veel regen. Maar… deze herfst gelukkig nog niets van dat alles!
Want het is ruim 20 graden. Het zonnetje schijnt, de lucht is blauw… Tot de volgende horrorwinter ons overvalt mogen we nog even genieten. En dat genieten doen we dan ook met volle teugen! Lekkere lange wandelingen met de hond en de achterdeur tot laat in de middag open. Tot zover alles heerlijk en prachtig. Dus, wat klaag ik dan?
Nou, mag ik een keer? Want… ik mis iets. En: ik weet wat het is! Het duurt nog heel even en dan heb ik het terug. Eindelijk. Tot die tijd moet ik het gewoon ‘uitzingen’. Ach, ’s avonds gaat het in het begin nog wel. Ik heb dan het meeste ‘last’ in de ochtend-uurtjes. Wat ik mis? Nou, dat ene uurtje dat we aan het begin van het jaar moesten inleveren omdat we zo nodig een zomertijd moesten invoeren!
Vooral de laatste dagen vraag ik me af: wat is de meerwaarde van die zomer- en wintertijd? Ik ben na het verzetten van de klok helemaal de kluts kwijt. Nu ben ik die wel vaker kwijt, dus eigenlijk zou me dat niet moeten verbazen. In het voorjaar gaat het allemaal nog wel. ’s Morgens spring ik kwiek, voor de wekker ook maar een kik kan geven, mijn bed al uit. “Heerlijk” roep ik de hele dag. “Een lekkere lange dag! Geweldig!” Tot een uurtje of half elf ’s avonds. Dan verlies ik ergens mijn kluts. Want dan komt er ineens die man met de spreekwoordelijke hamer vanachter het bankstel en die slaat me helemaal in elkaar. Onvoorstelbaar… Ik zit te knikkebollen nog voordat Pietje zijn Oant moarn (wij zeggen gewoon ajuus) kan uitspreken.
En naarmate de maanden verstrijken verschuift bij mij het probleem. Want tegen de tijd dat de klok weer terug in de tijd gezet moet worden ben ik ‘s avonds best fit maar sléép ik me uit mijn bed. Dan staat die hamer-man volgens mij ’s morgens naast mijn bed zodat ik er niet uit kan! Ja, ik verlang dat ene uurtje echt terug. Ik wil ‘Back to the future’. Als ik morgen opsta is het donker. En een uurtje later is het licht. Nou, ik wil licht zien. Natuurlijk wakker worden.
Dus…
Ik zou willen vragen aan de instantie die de zomertijd bedacht heeft, of die het ook weer ongedaan kan maken. Zomertijd in de lente en wintertijd in de herfst… Dat werkt niet. Afschaffen!
Afijn, dit weekeind gaan we de klok gelukkig weer terugzetten.
Dan krijg ik die ingeleverde tijd weer terug.
Ik mis het.
Want dat ene uurtje….
Dat is wel mooi MIJN tijd!


Gepubliceerd op Absolutely Enschede

maandag 1 oktober 2012

najaarsperikelen


Onder de wielen van mijn fiets
Knisperde het pas gevallen blad
De wind blies nog één lauwe bries
En heeft me even beet gehad

Nu blaf ik alles aan elkaar
Hijg en puf ik als een hond
En blaas na elke ademteug
Duizend bacillen in het rond

Lang leve ... de herfst?!

dinsdag 25 september 2012

Kleurpotloden in de was


Na je geboorte volgt meestal een proces dat ‘leven’ heet. Maar je bent je er niet van bewust. Hulpbehoevend. Van hielprikjes, luiers en gehoortesten. Eenmaal uit de luiers: groeipijntjes. Tandjes vallen uit. De “zelluf doen”-fase. School. Roddelen. Fluisteren in het oor. Papa is je held. Mama is je voorbeeld. En het leven is luchtig.
Je bent ieniemienie jong en onvoorstelbaar flexibel. In no-time naar de grote school. Je stuift door het leven alsof het morgen voorbij kan zijn. Wát een leven!
Dan komt er de fase van make-up, kleding en foto’s. Mobieltjes, sporten, brommers en brommers kiek’n. Haren verven en blijven slapen bij deze of gene. Alles doen wat moeders verboden heeft. Grenzen overschrijden. Rotzooi en ruzie maken. En je groeit maar door. Ongesteldheid. Pubertijd. Belachelijk. Je weet het allemaal zelf wel. Komt er dan nooit een eind aan? Je hoort niet bij de groten maar ook niet bij de pubers. “Zo hé, jij bent al groter dan je moeder!” Stomme achterlijke opmerkingen allemaal…
Dan komen De Vriendjes. Feestjes. Je rijbewijs. Gezelligheid kent geen tijd. Het kán niet op. Dát is pas leven! Romantiek, verliefdheid en liefde zijn nog niet te onderscheiden van elkaar. Geluk en ongeluk volgen elkaar in ongelooflijk rap tempo op. Je hoort over enge ziektes. En ook over doodgaan. Je zoekt het pad van je leven en probeert er op te blijven. Verleidingen lonken. Keuzes maken gaat je gemakkelijker af en je krijgt het gevoel voor ‘vol’ aangezien te worden.
En dan denk je dat je in de bloei van je leven bent… Juist. En wát voor een leven. Want dan komen jouw kindjes. Je bent getrouwd met de klok. Jij wordt geleefd en je lijf leeft ondertussen ook ergens voort. Kinderen vullen je dagen en nachten. Je praat over luiers en voedingen. De televisie staat aan zonder dat er naar gekeken wordt. Je haalt ineens kleurpotloden uit je wasmachine. Rimpels om je ogen verraden dat je uit de dertig komt. Dat je moe wordt. En je zegt het ook. Jij klaagt tegen vriendinnen en vriendinnen klagen net zo hard terug op de weinige momenten dat jullie elkaar rustig kunnen ontmoeten. Wat een leven!
Maar er komt nog een fase. De haren worden opnieuw gekleurd. Nu om de grijze pruik te camoufleren. Kalknagels en likdoorns. Een leesbril en een bril voor veraf. Onrustige benen en slaapproblemen. Je tandjes vallen opnieuw uit. Kunstgebitjes. Gehoortesten en gehoorapparaten. Jeu-de-boulen met soortgenoten en lotgenoten in het park. Bot-slijtage. Een nieuwe heup. Een rollator. Middagdutjes. Incontinentie. In de luiers…..
Hé… je hebt dit eerder meegemaakt!
Maar je weet het niet meer.
Juist, zo gaat dat dus…
Ik vind de kleurpotloden niet meer in de wasmachine en ben me bewust van mijn volgende levensfase. 
Wat een leven…
Schitterend!

Gepubliceerd op Absolutely Enschede

maandag 17 september 2012

Op zoek naar de tas


Ik ben weer eens mijn sleutels kwijt. En mijn leesbril. Het hele huis doorzocht maar ik kan ze niet vinden. Mijn lief adviseert me om mijn tas eens goed na te kijken. En jawel, wat vis ik daar van de bodem van de oceaan? Mijn sleutels en mijn leesbril! Nu is de maat vol. Ik ben gewoon toe aan een andere tas. Nu zou je denken dat dat een eenvoudige klus is. Nou, niets is minder waar.!
Mijn huidige tas heeft maar één vak waar je de hele zooi in één keer in moet mikken. Dus brillen, sleutels, een klein make-up tasje, mini-deo, portemonnee, autopapieren, mijn pasjesmapje, pennen, papier, zakdoekjes, snoepjes, telefoon, ga maar door… alles op één berg. Het is net een mixer. Als je het éne ding uit je tas pakt, verplaatst het andere zich stiekem. Als ik iets zoek dan doe ik dat meestal op de tast. Even grabbelen en… altijd prijs!
Weet je, ik wil een vrolijke, leuke, praktische en vlotte tas. En een betaalbare! Ik heb veel gewéldige tassen gezien. Met veel ooh’s en aah’s heb ik ze door mijn handen laten gaan. Maar zodra ik er in keek, kon ik ze gelijk terugzetten. Of zodra ik het prijskaartje zag. Soms had een tas wel twee(!) vakjes en soms was de opening zo klein dat ik m’n portemonnee er amper in of uit kon krijgen. Nergens vond ik een leukerd met zes of acht vakjes zonder dat het gelijk op een hutkoffer leek.
Tot nu toe ben ik nog niet geslaagd. Maar zo kan het ook niet langer. Onlangs nog. Stond ik thuis wild met mijn tas bij m’n hoofd rammelen. Ik heb namelijk aan mijn sleutelbos zo’n poezenbelletje gedaan. Kijk, dat werkt zo: ik schud gewoon even flink met m’n tas en dan hóór ik gewoon of mijn sleutels in mijn tas zitten. Hoef ik niet meer te kijken. Kan ik gerust het huis verlaten omdat ik mijn sleutels ‘gehoord’ heb. Slim he? Maar ja… Soms liggen er wel eens losse euromuntjes in mijn tas. Voor het karretje van de super. En laten die losse muntjes nou nét zo klinken als dat poezenbelletje…
Sta je daar. Met je goede gedrag voor de gesloten deur.
Dus echt, ik móet een nieuwe tas.  En dan natuurlijk ook leuke bijpassende schoenen. En een leuke broek en shirtje erbij. Of een jas? Ach wat vervelend allemaal… Wij vrouwen hebben het maar lastig. Maar ja, soms móeten we wat hè? ;-)


Gepubliceerd op Absolutely Enschede

maandag 3 september 2012

Ruhe, rust en heanig an...


Zomervakantie? Schitterend. Heerlijk. En… verrassend. Jong en oud is op zoek naar rust, genot en gezelligheid. Of wil iets ondernemen. Bijna geen vakantie is hetzelfde. Toch gaan de meeste mensen erop uit om te genieten. Ik hoop van harte dat je een mooie vakantie hebt. Of hebt gehad. Met ontspanning. En vooral: dat je hebt genoten!
Dit jaar kwamen wij op een camping waar een enorme plek was afgezet met rood-wit lint. Alsof het een plaats delict was. Er stonden een paar kleine tentjes en een oude vouwwagen. En… het was er best een zootje. ‘s Avonds arriveerde een grote groep jongeren van het strand met een oud busje. Zij waren de ‘eigenaren’ van die plek en stonden dus achter het lint. De deuren van het busjegingen open en vele blikken en flessen drank werden uitgeladen. Die waren vast niet vies van feestjes. Dat beloofde een lange nacht te worden… De uit de kluiten gewassen jongeren maakten het zich onder de twee partytenten gemakkelijk en op hun grote zware tuinmeubelen werd het een gezellige boel. Ze waren wat aan het dollen en aan het lachen. Maar, er was absoluut geen overlast. Ze waren zelfs een lust voor het oog! Het waren brave gezellige burgers. Zo zie je maar, niets is wat het lijkt.
In een andere plaats leerden we een aantal Duitse mensen kennen en na het avondeten zaten we gemoedelijk bij elkaar. We spreken een aardig woordje Duits en zelfs de overige Nederlandse gasten dachten dat wij Duitsers waren. Geheel ontspannen genoten we van de mooie dag die we hadden gehad. Ervaringen en reisverhalen werden uitgewisseld. Een wijntje later arriveerde een Belgisch stel in het schemerdonker. De man parkeerde zijn vehikel 20 meter verderop. Eerst met de deur naar ons toe. Na tien minuten om zijn vakantiepaleis te zijn gelopen besloot hij dat zijn hut moest worden omgedraaid. Hij maakte geen ontspannen indruk. Eigenlijk… spatte de stress van zijn lijf. Na een paar minuten flink aan zijn stuur te hebben gedraaid stond hij andersom. Zo zeg, díe was aan vakantie toe! Het was volgens mij besmettelijk want zijn wederhelft had dezelfde stress-symptomen. Binnen drie minuten waren alle luiken gesloten. Geen goedenavond, geen knikje en zelfs… geen wijntje op deze prachtige zomeravond!
Er zaten die avond nog vele groepjes reizigers bij elkaar te genieten maar na een kwartiertje vloog de deur van de nieuwe logé open en baande de man met grote stappen onze kant uit. Met de wijsvinger in de lucht zei hij bozig (overigens op zijn mooiste Duits) dat het al ‘Mitternacht war’ en dat hij wou ‘schlafen’. We moesten állemaal zachtjes doen.
Onze uurwerken stonden op dat moment bijna op half elf dus we zwegen allen wijselijk. We keken hem eigenlijk alleen maar vol verbazing aan.
Bij het weglopen mopperde hij nog even flink op ‘al die vreselijk lawaaiige Duitsers’.
Ach meneerke, niets is wat het lijkt…

(gepubliceerd op Absolutely Enschede)

zaterdag 18 augustus 2012

Genotszakje :-)


Wie kent die momenten niet: dat je in de auto iets te knagen moet hebben. Te happen. Te snoepen. Mijn gedachten flitsen dan van grote zakken Engels drop naar een zuinig 1-calorie-arm Tik-tak-je. Ik ben dol op (oftewel verslaafd aan) dropjes, snoep, pepermunt… eigenlijk alle vormen van snoep. Grote zakken, kleine zakken, doe ze in mijn autootje! Vaak ligt er een zak in mijn auto. Leeg wel te verstaan.
Zo’n knaagmoment had ik ook vorige week. Het dashboardkastje was leeg. Mijn tas had ik al op de kop gezet maar ook daar kwam weinig eetbaars uit. Dus wat moet je dan? Ik moest toch nog tanken dus sloeg ik twee vliegen in één klap. De auto weer een volle buik en ik weer wat snoep in mijn autootje.
Het hele snoepschap kan ik drómen! Ik wist dus al, voordat ik bij het tankstation aankwam, welke zak de mijne zou worden. Het zou die met die drop-mix worden. Zoet, zout en pepermunt in één zakje. Heerlijk. Dat werd die dag mijn genotszak!
Al lachend en zingend stapte ik uit. Juist, eerst even tanken. Mijn vrolijkheid werd tijdens het tanken aardig op de proef gesteld. De euro-teller kwam steeds dichter bij de honderd. Even dacht ik dat ik de magische grens ging halen maar vlak voor de honderd kon er geen druppel meer bij in… Slik. Wat een prijzen! Ze weten aan de pomp wel hoe ze jouw grijns van je smoel moeten halen.
Er flitsten toen ineens allemaal gedachten door mijn hoofd. In Swaziland kost een litertje slechts 10 cent. En in Koeweit 18 cent. Water is in die landen wel hartstikke duur.
Dus… wat als we … eens een geultje graven van zo’n oliestaatje naar Nederland? En we gooien er twee pijpjes in. Eén voert het overtollige water Nederland uit. We hebben immers zat van dat regen-nat?! En die andere pijp gebruiken we om olie ons landje in te laten stromen. Swaziland blij en Nederland blij. Juist…
Wel prettig die kinderlijke gedachten. Dat is vast één van de redenen waarom ik niet de politiek in ben gegaan.
Maar kom me niet aan met de milieuvriendelijkste optie: ‘dan ga je toch op de fiets?’ Dat wil je niet meemaken! Want ik heb áltijd tegenwind… en als ik ga fietsen regent het áltijd… Je wilt mij daarom écht niet dagelijks op de fiets, tenzij je de toeristische industrie om zeep wilt helpen! ;-)
Afijn, wat moet, dat moet. Dus na het tanken heb ik betaald.
Met loodvrij in m’n tank en lood in mijn schoenen.
Maar, het ergste ontdekte ik toen ik bijna thuis was…
Ik was mijn genotszak vergeten!

donderdag 5 juli 2012

Telefoonterreur!!!


Van huis uit ben ik beschermd opgevoed. Mijn moeder had de touwtjes goed in handen en daar maken we nu nog vaak grapjes over. Wat wil je, vier kinderen waarvan drie jongens! Ik was natuurijk de rustigste. Nou, ja, mijn moeder had in ieder geval weinig problemen met mij. Zegt ze. En als mijn moeder dat zegt, dan is dat zo!
Maar dan al die goede bedoelingen… Ach, je kent dat wel. Je groeit op en vindt al die bezorgdheid al gauw bemoeizucht. Je denkt dat je het allemaal wel weet. De ideeën van mijn moeder waren ouderwets en ze leek te leven in de prehistorie. Ja mam, ik weet nu wel beter. Maar ineens… Ineens werd ik opstandig en wou ik het op mijn eigen manier gaan doen. En ik weet één voorval nog heel goed… 
Ik was geloof ik 19 jaar jong en het was op een zaterdag avond. Mijn ouders vonden altijd dat ik op tijd thuis moest zijn. Ik was nog in de groei, moest er vroeg uit en meer van dat soort argumenten. Ja, mijn ouders vonden dat samen, maar mijn moeder bracht de boodschap over. Ze vond twaalf uur ’s nachts een mooie tijd om thuis te zijn. En als ik te laat was liet ze de telefoon altijd twee keer overgaan waarna ik braaf naar huis vertrok. Moeders wil was wet.
Nog even voor het plaatje: ik zat dus gewoon bij mijn schoonouders in huis. Ik hing dus niet in één of andere vage discotheek. Nee, braaf op de bank met de liefde van mijn leven. Kaarsjes aan, drankje erbij. Gezelligheid die geen tijd kende. Meer had ik niet nodig.
Tot op een avond… Ineens was het twaalf uur… Zelf had ik het gevoel dat de avond nog moest beginnen, zó gezellig was het. De tijd tikte echter onverbiddelijk door. Wat moest ik doen? Ik wist zeker dat mijn moeder thuis ook op de klok zat te kijken. Maar daar was de opstandige ik. Ik was verdorie 19 jaar! Dan was twaalf uur toch geen tijd om al thuis te moeten zijn? Mijn vriendin, die wel naar de disco ging, kwam soms pas om drie uur thuis! Ik vond dat ik gerust langer weg kon blijven, ik wist zelf wel wat goed voor me was. Dus bleef ik zitten.
En jawel, om tien minuten over twaalf ging de telefoon twee keer over. Dit was hét teken dat ik naar huis moest komen! Zenuwen gierden door mijn lijf. Na een kwartiertje trok ik de stoute schoenen aan en… liet de telefoon bij mijn ouders twee keer overgaan! Nu zouden ze het vast wel snappen. Het moest zijn afgelopen met die telefoonterreur. Om één uur zat ik nog steeds met een drankje bij mijn schoonfamilie. Maar echt lekker zat ik niet. Mijn lief bracht me naar huis. Het was slechts één kilometer fietsen maar door het lood in mijn schoenen leek de weg eindeloos…
De volgende dag liet ik mijn moeder heel subtiel weten dat ze niet meer hoefde te bellen. Ik kon zelf wel klokkijken en was in mijn ogen volwassen genoeg om wat later thuis te komen. Ze vond het vast niet leuk maar… ze heeft nooit weer gebeld! Later hebben we er hartelijk om gelachen. Je moet als ouders wel je grenzen stellen hè? Daar ben ik inmiddels wel achter mam!
Nog regelmatig gaat bij ons thuis de telefoon twee keer over.
Dat doen onze kinderen.
Nee, niet om te laten weten of ze wel of niet thuis komen.
Maar zodat ik ze terug kan bellen.
Omdat hun beltegoed weer eens op is…..