zondag 30 december 2012

Kleur-en-verlangen

Onlangs, tijdens één van mijn wandelingen, verbaasde ik me over het groene landschap. Ook al was het winter en waren de bomen zo kaal als biljartballen, het gras leek op de één of andere manier groener dan groen. Het was net of de boer het pas had gemaaid, zo keurig lag het erbij. En alsof de wind alle halmpjes in dezelfde richting had gekamd. Strak op een rij. Een gewassen en gestreken onvolwassen leger groene prikkelsprietjes.

In de zomer staat het gras in hetzelfde weiland ruim een meter hoog. De boer laat het wild groeien. Onze hond moet dan springen om te zien waar ik ben en imiteert kangoeroes. Er bloeien bossen margrieten en klaprozen. En vele andere bloemen waarvan ik de namen niet ken. In de lente, als alles groen wordt, ruikt de lucht hier ook groen. Elk seizoen heeft zo z’n geur en kleur. In de zomer ruikt alles geel en rood. Naar warmte. In de winter ruikt het blauw. Koel en fris blauw. Waarom ik dat zo associeer? Geen flauw idee!

Deze week rook echter naar bruin. Naar de geur van muffe natte grond. Sompige sloten. Dode bladeren. Het was een net-geen-winter-geur. Het waaide guur en het flauwe zonnetje stond te verzuchten in het zuiden. Even leek ze me te verwarmen maar al gauw lieten haar stralen me weer los. De wind was de baas en stak mij ruw in beide handen. Mijn rechteroog was verdrietig en traande er vrolijk op los. En ook al heeft mijn neus geen pootjes, ze bleef maar doorlopen. Ook als ik stilstond. Met mijn snoet in de wind trotseerde ik kou, tranen en snot. Wat een held was ik!

Held…
Daar liep ik met m’n warme boots.
M’n dikke jas, sjaal en thermosokken.
Het prille groene leger wuifde nog eens.
Ze verlangden, net als velen met mij, naar de lange armen van de zon.
Ik snoof de schoonheid van het landschap nog een keer omhoog.
Rood verlangen…
Heerlijk.

 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen